Onderzoek naar lezen, leesbevordering en literatuureducatie

Activiteiten leesbevordering

Een overzicht van bereikcijfers en resultaten van programma's, campagnes, activiteiten en projecten op het gebied van leesbevordering.

-> De Boekenweek en de Kinderboekenweek zijn de leescampagnes met de grootste naamsbekendheid.

-> BoekStart slaagt erin de taalontwikkeling van baby’s te stimuleren. Een op de drie ouders van pasgeboren baby’s doet mee.

-> De VoorleesExpress introduceert jaarlijks bij ruim 4.000 taalzwakke gezinnen het voorleesritueel.

-> Nationale Voorleesdagen

-> Aan De Nationale Voorleeswedstrijd doen jaarlijks ruim 200.000 kinderen mee, afkomstig van 50% van de Nederlandse basisscholen.

-> Stichting Schrijvers School Samenleving

-> De Schoolschrijver

-> Read2Me! is een voorleeswedstrijd waaraan jaarlijks ongeveer 29.000 brugklassers meedoen. Zij zijn afkomstig van een kwart van de middelbare scholen.

-> Jonge Jury

-> Leeskr8!

-> De Weddenschap

-> Dioraphte Jongerenliteratuurprijs & de Literatour

-> Boekenweek

-> Nederland Leest

-> Prijs voor de Beste Leesomgeving

-> De Inktaap

-> Poëzieweek

-> Boekenzoeker

-> Pabo Voorleeswedstrijd

-> Tomke

(Kinder)boekenweek heeft grootste naamsbekendheid

De Boekenweek en de Kinderboekenweek zijn met stip de meest bekende leesbevorderingscampagnes van Nederland. Bijna negen op de tien Nederlanders kennen deze jaarlijkse promo-acties voor het boek van naam. De voorleescampagnes De Nationale Voorleesdagen en De Nationale Voorleeswedstrijd volgen met twee derde van de bevolking. Een op de drie mensen is bekend met de Poëzieweek en Nederland Leest. Twee op de tien kent de Leescoalitie-campagne Vaders Voor Lezen en BoekStart, het leesbevorderingsprogramma voor baby’s (Stichting Marktonderzoek Boekenvak/GfK, 2016.1; 2015.3).

Naamsbekendheid activiteiten leesbevordering

In procenten van de Nederlandse bevolking

De Gouden en Zilveren Griffels zijn de meest bekende leesbevorderende prijzen voor kinderboeken in Nederland, gevolgd door de Nederlandse Kinderjury. De bekendste prijs voor boeken voor volwassenen is de NS Publieksprijs, op kleine afstand gevolgd door de ECI Literatuurprijs en de Libris Literatuurprijs (Stichting Marktonderzoek Boekenvak/GfK, 2016.1; 2015.3).

Naamsbekendheid prijzen leesbevordering

In procenten van de Nederlandse bevolking

* t/m 2014: AKO Literatuurprijs

Ook kinderen tussen de 7 en 15 jaar hebben het vaakst gehoord van de Kinderboekenweek, op afstand gevolgd door de publieksprijs van De Kinderjury en de juryprijzen van de Griffels en de Penselen (die tijdens de Kinderboekenweek worden uitgereikt). De bekendste activiteiten rond voorlezen zijn De Nationale Voorleeswedstrijd en De Nationale Voorleesdagen. De Jonge Jury wint rap aan naamsbekendheid vanaf het 13e levensjaar – de doelgroep bestaat dan ook uit middelbare scholieren. 7- tot 15-jarigen zijn weinig bekend met leesbevorderende websites. Leesplein en Literatuurplein, beiden onder beheer van Bibliotheek.nl (zie voor bezoekcijfers Bibliotheekmonitor, 2015), zijn enigszins bekend, De Boekenzoeker hoegenaamd niet (Huysmans, 2013).

Naamsbekendheid activiteiten leesbevordering, naar leeftijd

In procenten

BoekStart

In dit programma, onderdeel van Kunst van Lezen, helpen bibliotheken, kinderdagverblijven en andere opvoedkundige instanties het jonge gezin om een vliegende start te maken met de leesopvoeding. Ouders vanaf de babyleeftijd laten voorlezen, verhaaltjes vertellen en gesprekjes voeren, dat is het doel van BoekStart. De interventie is opgenomen in de Databank Effectieve Jeugdinterventies van het Nederlands Jeugdinstituut.

Sinds de lancering in 2008 is het bereik razendsnel gegroeid. 152 basisbibliotheken (99% van het totaal), 750 reguliere vestigingen (97% van het totaal) en 133 servicepunten (48% van het totaal) bieden het programma aan.

Ouders krijgen de uitnodiging voor BoekStart als hun baby ongeveer drie maanden oud is. 88% ontvangt de wervingsbrief met waardebon (in 2011: 61%) (Evaluatie BoekStart 2014 & 2012 & 2011). 33% gaat vervolgens naar de bibliotheek, om een gratis BoekStart-koffertje op te halen en hun baby lid te maken. Bibliotheken delen jaarlijks ruim 55.000 koffers uit en maken evenzoveel babylidmaatschappen aan. Met name hoger opgeleide ouders, ouders die zelf lid zijn van de bibliotheek en ouders die hun eerste kind hebben gekregen doen mee aan BoekStart (Van den Berg & Bus, 2015).

Dankzij BoekStart hebben bibliotheken het aantal boekjes voor baby’s flink uitgebreid. De gemiddelde collectie groeide van 156 (2009) naar 213 (2010) en vervolgens naar 322 babyboekjes (2011). 45% van de babyleden behoort tot de actieve leners. Hun ouders nemen minstens vier keer per jaar een boek voor hen mee naar huis (Evaluatie BoekStart 2012 & 2011). Bibliotheken betrekken ouders steeds actiever bij BoekStart. 75% organiseert ouderbijeenkomsten, tegenover 62% in 2011. Het aantal ouderbijeenkomsten neemt ook toe, van gemiddeld 3,34 naar 3,67 per jaar. Tevens slaan bibliotheken in het kader van BoekStart de handen ineen met andere opvoedkundige instanties. 93% werkt samen met het consultatiebureau, 78% met het kinderdagverblijf en 62% met de peuterspeelzaal (Evaluatie BoekStart 2014).

Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat BoekStart een positief effect heeft op het voorleesgedrag van ouders. Dat stimuleert vervolgens de taalontwikkeling van kinderen. Deelnemende ouders zijn ferventere bibliotheekbezoekers, hebben meer kennis van babyboekjes en lezen vaker voor. Het talige contact met hun kind is intensiever en gevarieerder. Hun kinderen vragen hen vaker om te worden voorgelezen, terwijl ze minder vaak naar de televisie willen kijken. BoekStart-kinderen hebben hierdoor op een leeftijd van 15 maanden een voorsprong genomen in hun taalontwikkeling. En na 22 maanden zijn ze nog verder uitgelopen. BoekStart zet dus, door ouders te stimuleren aandacht te besteden aan de leesopvoeding, een positieve leesspiraal in gang (Van den Berg & Bus, 2015).

Kinderen met een moeilijk temperament, die snel huilen, geïrriteerd raken en afgeleid zijn, profiteren het sterkst van BoekStart. Zij weten de taalachterstand die ze zonder BoekStart zouden oplopen, om te buigen in een voorsprong op ‘gemakkelijke’ kinderen. BoekStart werkt dus preventief: het risico op taalachterstanden van temperamentvolle kinderen wordt sterk gereduceerd. Dat de ouders van deze kinderen vaker meedoen, bevestigt dat zij overtuigd zijn van deze potentie (Van den Berg & Bus, 2015).

VoorleesExpress

Gezinnen met een groot risico op taalachterstanden krijgen een bijzonder bezoek: twintig weken lang komt er een vrijwilliger bij hen thuis om het voorleesritueel te introduceren. De kinderen (tussen de 2 en 8 jaar oud) worden voorgelezen, hun ouders krijgen tips & tricks voor hoe dat zelf te doen en er vindt een bibliotheekbezoek plaats om kennis te maken met nieuwe titels. De VoorleesExpress is opgenomen in de Databank Effectieve Jeugdinterventies van het Nederlands Jeugdinstituut.

De VoorleesExpress opereert vanaf 129 locaties in heel Nederland, zoals bibliotheken en organisaties voor maatschappelijk werk en vluchtelingenwerk. Deze zijn actief in 108 verschillende gemeenten, 28% van het totaal. Het netwerk bestaat anno 2016 uit 5.140 vrijwilligers. Zij bezochten in dat jaar in totaal 4.283 gezinnen, 10% meer dan in het jaar ervoor (VoorleesExpress, 2017).

Deelnemende vrijwilligers en gezinnen

In aantallen

De VoorleesExpress slaagt in haar doelstelling om de taal- en leesontwikkeling te stimuleren. De deelnemende kinderen uit taalachterstandsgezinnen boeken vooruitgang op hun boekoriëntatie, verhaalbegrip en woordenschat (dit is gemeten door vrijwilligers en leerkrachten te enquêteren, 2010). Ook lezen de kinderen thuis vaker een boek en willen ze vaker worden voorgelezen (aldus hun ouders in een enquête, 2010).

Nationale Voorleesdagen

Zeven op de tien Nederlanders is bekend met deze tiendaagse campagne die het belang van voorlezen onder de aandacht brengt. Het zijn met name vrouwen en hoger opgeleiden die de Nationale Voorleesdagen van naam kennen. Driekwart van de bevolking geeft aan de voorleesdagen een belangwekkende campagne te vinden. Ook onder deze groep zijn vrouwen en hoger opgeleiden oververtegenwoordigd (Stichting Marktonderzoek Boekenvak/GfK, 2016.1).

Binnen de Nationale Voorleesdagen wordt samengewerkt met maatschappelijke instanties die kinderen helpen zich te ontwikkelen als lezer. Zij ontvangen een informatiepakket met promotionele en educatieve materialen, zoals flyers, boekjes en lessuggesties. In de editie van 2015 is op deze manier 80% van de kinderdagverblijven, 81% van de bibliotheken en 25% van de basisscholen in Nederland bereikt, nagenoeg evenveel als in voorgaande jaren. Onder basisscholen ligt het werkelijke bereik waarschijnlijk hoger. In een enquête geeft 51% aan activiteiten te organiseren in het kader van De Nationale Voorleesdagen (DUO Omnibusonderzoek, 2014).

De Nationale Voorleeswedstrijd

Kinderen het plezier van voorlezen laten ervaren: dat is het doel van De Nationale Voorleeswedstrijd. De campagne begint met schoolrondes en eindigt met een landelijke finale, waarin de beste voorlezer van het jaar wordt gekozen. In het schooljaar 2016-2017 doen er 3.206 basisscholen mee, 2% minder dan het jaar ervoor. De landelijke dekking ligt op 48% van de basisscholen.

Deelnemende scholen

In aantallen

* De plotse stijging in 2013 wordt vooral veroorzaakt door extra promotie in het kader van het 20-jarig jubileum van de voorleeswedstrijd en van het Jaar van het Voorlezen.

Er hebben in 2016-2017 in totaal 200.051 kinderen voorgelezen en/of geluisterd, 3% minder dan het jaar ervoor. Het is het vierde opeenvolgende jaar dat het aantal deelnemende leerlingen boven de 200.000 ligt. Zij komen hoofdzakelijk uit de groepen 7 en 8 (waarop de Nationale Voorleeswedstrijd zich richt). Op een klein aantal scholen doen ook kinderen uit groep 1 tot en met 6 mee (Bakker, 2013). De Nationale Voorleeswedstrijd bereikt ongeveer 54% van de groep 7- en 8-leerlingen, en 14% van alle basisscholieren in Nederland.

Deelnemende leerlingen

In aantallen

* De plotse stijging in 2011 wordt vooral veroorzaakt door een nieuwe meetmethode. Scholen rekenen met ingang van dat jaar voorlezers én luisteraars tot de deelnemers; voorheen bepaalden ze zelf de manier van tellen.

In de ruim 20-jarige historie van de campagne worden er steevast méér meisjes tot schoolkampioen gekroond dan jongens. Hun voorsprong slinkt wel. In 2016-2017 zijn er op elke mannelijke drie vrouwelijke schoolkampioenen. In 2010-2011 waren dat er nog bijna vijf. Het overwicht van meisjes wekt de suggestie dat zij beter zijn in voorlezen. Het is echter waarschijnlijker dat zij zich in grotere getale aanmelden als deelnemer.

De meest voorgelezen schrijvers zijn in de loop der jaren nauwelijks veranderd: Roald Dahl, Tosca Menten, Paul van Loon, Jacques Vriens, Carry Slee en Francine Oomen. De meest populaire serieboeken om voor te lezen zijn Dagboek van een muts van Rachel Renee Russell en Het leven van een loser van Jeff Kinney.

Voorleeskampioenen, naar geslacht

In aantallen

Basisscholen doen vooral mee aan de Nationale Voorleeswedstrijd om het voorlezen bij hun leerlingen te promoten. Daarnaast hopen ze hen in aanraking te brengen met nieuwe kinder- en jeugdboeken, en daarmee het zelf (stil) lezen te bevorderen. Scholen lijken goed op de hoogte van de positieve spiraal, want ze vinden deelname tevens een goede manier om de leesvaardigheid en het leesplezier te stimuleren (Bakker, 2013).

Deelnemende scholen besteden over het algemeen veel aandacht aan leesbevordering. Het merendeel heeft een leescoördinator aangesteld, die docenten aanspoort om enthousiaste leesbevorderaars te zijn. Ook het actueel en kwalitatief hoogstaand houden van de boekencollectie is speerpunt, evenals een samenwerking met de openbare bibliotheek. Verder is er veel aandacht voor leesactiviteiten, zoals voorlezen, vrij (stil) lezen en praten over boeken (Bakker, 2013). Het leesklimaat is er gunstiger dan bij scholen die niet meedoen aan de Nationale Voorleeswedstrijd (Jansen, 2008).

Stichting Schrijvers School Samenleving

Auteurs gaan het land in om contact te zoeken met hun lezers. Stichting Schrijvers School Samenleving (SSS) bemiddelt tussen de schrijvers en de organisatoren van lezingen, debatten en klassenbezoeken. SSS adviseert in de keuze voor een auteur, legt het contact tussen beide partijen en zorgt voor de financiële afhandeling. In 2015 resulteerde dat in bijna 5.000 auteursbezoeken, een stijging van 7% ten opzichte van het jaar ervoor (Stichting Schrijvers School Samenleving, 2016).

Schrijversbezoeken

In aantallen

Auteurs brengen iets vaker een bezoek aan kinderen dan aan volwassenen. Terwijl bibliotheken en scholen overwegend schrijversbezoeken organiseren voor kinderen, boeken boekhandels juist vaker auteurs voor volwassenen. Andere organisatoren zijn festivals, musea, theaters, (literaire) café’s, ziekenhuizen en jeugdgevangenissen. In totaal bereiken de auteurs via SSS jaarlijks ongeveer 255.000 kinderen en 142.000 volwassenen (Stichting Schrijvers School Samenleving, 2016).

Schrijversbezoeken, per organisator

In aantallen

Het aantal schrijvers dat jaarlijks via SSS minstens eenmaal en gemiddeld zo’n 6 keer op pad gaat ligt tussen de 700 en 800 (Stichting Schrijvers School Samenleving, 2016). Het gaat om schrijvers van zeer divers pluimage: prentenboeken, jeugdliteratuur, literaire romans en poëzie, maar ook filosofie, wetenschap en literaire non-fictie. De auteurs voor wie SSS bemiddelt hebben gepubliceerd bij een (literaire) uitgever. Ruim acht op de tien auteurs en organisatoren geeft SSS een rapportcijfer van 8,1 voor de samenwerking en de dienstverlening. Tweederde noemt het werk van de stichting belangrijk tot zeer belangrijk (DUO Onderwijsonderzoek, 2014).

De Schoolschrijver

Een auteur van kinderboeken bezoekt gedurende een half jaar wekelijks drie basisschoolklassen. Deze 'Schoolschrijver' leest kinderen voor, gaat met hen in gesprek over boeken en geeft hen opdrachten om creatief te leren schrijven. Daarnaast geeft hij of zij professionaliseringsworkshops aan docenten en gaat in gesprek met ouders. Het team bestaat inmiddels uit 35 Schoolschrijvers. Zij bezoeken in het schooljaar 2015-2016 45 basisscholen (50% meer dan het jaar ervoor) en bereiken zo ruim 9.000 leerlingen (50% meer dan het jaar ervoor) (Schoolschrijver, 2015).

De Schoolschrijver lijkt te slagen in haar streven: kinderen stimuleren om zelf te lezen, voor te lezen en creatief te schrijven. 92% van de leerlingen is enthousiast over de Schoolschrijver die hun klas bezoekt. Deze groep waardeert met name de leuke, grappige en spannende manier waarop de auteurs voorlezen en de creatieve opdrachten om zelf verhalen te schrijven. 43% van de leerlingen heeft door henzelf geschreven verhalen aan ouders laten lezen, 32% is van plan om zelf meer boeken te gaan lezen en18% wil vaker worden voorgelezen door hun ouders (Centrum Brein & Leren, 2015).

Read2Me!

In deze voorleeswedstrijd lezen brugklassers voor uit jeugdboeken die aansluiten op hun leesniveau en belevingswereld. De nadruk ligt op de boeken van de Jonge Jury en de cultuurhistorische canon van Nederland. In het schooljaar 2015-2016 hebben er 1157 schoolklassen meegedaan, goed voor ongeveer 29.000 leerlingen die voorlezen en voorgelezen worden (uitgaande van 25 leerlingen per klas). Zij zijn afkomstig van 162 middelbare scholen (25% van het totaal), die worden geworven door 66 basisbibliotheken (43% van het totaal). Het bereik van Read2Me! is sinds de eerste editie in 2011 flink gegroeid, zowel in basisbibliotheken, scholen als deelnemende leerlingen.

Deelname provincies

In aantallen

Deelname bibliotheken

In aantallen

Deelname scholen

In aantallen

Jonge Jury

Middelbare scholieren uit klas 1 tot en met 3 lezen jeugdboeken die in het voorgaande jaar zijn verschenen. Vervolgens kiezen ze hun favoriete titels. Het boek met de meeste stemmen wint de Prijs van de Jonge Jury. Voor de verkiezingscampagne van 2015-2016 brachten 15.593 jongeren hun stem uit, 22% meer dan in het jaar ervoor. Met name het aantal digitaal uitgebrachte stemmen steeg. Middelbare scholieren bekroonden Shock van Mel Wallis de Vries, die het jaar ervoor ook won met Wreed.

Stemmen

In aantallen

In het schooljaar 2013-2014 verdubbelde het aantal stemmen ruimschoots. Dat was grotendeels te danken aan de vernieuwde opzet van de Jonge Jury. Er kwam een digitaal magazine, dat verschijnt in drie edities met de thema’s ‘lezen’, ‘stemmen’ en ‘vieren’. Het magazine is te lezen en te downloaden via de website. Deze trok in 2015-2016 bijna 100.000 bezoekers, ongeveer evenveel als het jaar ervoor. Het vroegere gedrukte magazine had een oplage van 65.000 à 70.000 exemplaren.

Ook het promotiemateriaal kreeg in 2013-2014 een nieuw jasje. 18 boekhandels (1% van het totaal) en 82 bibliotheken (10% van het totaal) bestelden in 2015-2016 een of meer zogeheten partnerkits. Het werkelijke bereik ligt mogelijk hoger, omdat boekhandels en bibliotheken het promotiemateriaal onderling delen. Op deze wijze belandden de partnerkits in 2010-2011 bij 31% van de bibliotheekvestigingen.

In 2015-2016 bestelden 207 middelbare scholen een instapmodule en/of digitale lesmodule (31% van het totaal). Ook hier ligt het werkelijke bereik mogelijk hoger. Scholen die de methode Op niveau Nederlands gebruiken kunnen de lessen tevens online downloaden. Dat gebeurde in 2014-2015 12.000 keer.

Leeskr8!

Deze boekenzoekmachine geeft vmbo’ers tussen de 13 en 15 jaar een persoonlijk boekenadvies. Tevens vinden leerkrachten er inspiratie voor lessen over boeken. De website trok in het schooljaar 2015-2016 9000 bezoekers, die er in totaal 12.000 sessies uitvoerden. Beide getallen zijn ongeveer 8% lager dan in het schooljaar ervoor. De app voor Apple met het boekenadvies-op-maat voor scholieren is inmiddels ruim 4.500 keer gedownload.

De Weddenschap

Drie Bekende Nederlanders dagen vmbo-leerlingen uit om in een half jaar tijd drie boeken naar keuze te lezen. De Weddenschap heeft als doel het leesplezier van vmbo'ers, die over het algemeen niet erg van lezen houden, te stimuleren. Aan de editie 2015-2016 deden 4.976 leerlingen mee door zich aan te melden op de website, 45% meer dan het jaar ervoor. De deelnemers waren afkomstig van 129 verschillende middelbare scholen, 20% van het totaal.

De helft van de vmbo'ers die zich inschrijven gaat tot lezen over; minder dan in 2013-2014, toen het ging om 60%. 1116 leerlingen – 22% van het totaal – slagen erin de weddenschap te ‘winnen’: zij lezen in een half jaar drie boeken naar keuze uit. 478 leerlingen (10% van het totaal) lezen twee boeken, 921 leerlingen (19% van het totaal) één boek.

Dioraphte Jongerenliteratuurprijs & de Literatour

5.400 jongeren uit Nederland en Vlaanderen kozen in 2015 hun favoriete literaire jeugdboek of Young Adult Novel. Zij kenden de publieksprijs toe aan Birk van Jaap Robben. Het aantal stemmen daalde in vergelijking met een jaar eerder met een kwart. De stemperiode was met vijf dagen echter flink korter dan de vier weken van voorheen.

Stemmen

In aantallen

De Literatour Schrijverstournee deed 27 middelbare scholen aan, 4% van het totaal. Vijftien auteurs gaven er 45 lezingen aan 2.700 jongeren. De website trok ruim 22.000 bezoekers, waarvan ruim de helft surfte naar de Boekentipper: een tool die jongeren aan de hand van persoonlijk vragen helpt een passend boek te vinden.

Boekenweek

Behalve uit het Boekenweekgeschenk (oplage 2016: 665235), gratis reizen met de NS en allerhande activiteiten in boekhandel en bibliotheek bestaat de Boekenweek uit een educatieve campagne voor het voortgezet onderwijs. De webpagina's met lessuggesties trokken in 2016 bijna 7.000 bezoekers. Dat is 6% minder dan het jaar ervoor. Er deden 46 middelbare schoolklassen mee aan Boekenweek Live!, een interactieve talkshow rondom het boekenweekgeschenk. De online uitzending werd in totaal bijna 2.700 keer bekeken.

Nederland Leest

Nederland een maand lang omtoveren tot één grote leesclub: dat is het doel van deze leescampagne, waarin iedereen wordt uitgenodigd om hetzelfde literaire boek te lezen én erover te praten. Van het Nederland Leest-boek 2015, een bloemlezing van korte verhalen samengesteld door A.L. Snijders, zijn 363.000 exemplaren verspreid onder leden van de openbare bibliotheek. Nog eens 80.000 stuks gingen naar leerlingen en docenten op middelbare scholen.

Bij de schooleditie, die sinds 2007 bestaat, hoort ook een lessenserie om het boek in de klas te behandelen. De webpagina's waar docenten de materialen kunnen vinden trokken in 2015 bijna 3.300 bezoekers. Dat is 20% meer dan een jaar eerder. Naar Nederland Leest Live!, een interactieve talkshow waar leerlingen in gesprek gaan over het boek, keken in 2014 bijna 3.000 leerlingen en docenten, 24% minder dan het jaar ervoor.

Prijs voor de Beste Leesomgeving

Middelbare scholieren dragen hun eigen schoolmediatheek aan voor deze jaarlijkse juryprijs. De Prijs voor de Beste Leesomgeving gaat naar de schoolmediatheek die een actuele, brede en gevarieerde collectie aanbiedt, en tevens een omgeving creëert die uitnodigt om te lezen. Dat betekent: comfortabele, leesvriendelijke zithoeken, boekadviezen-op-maat van de mediathecaris en een aantrekkelijke presentatie van de boeken. Leerlingen van veertien scholen kandideerden in 2015 hun mediatheek. De hoofdprijs ging naar het Mundus College uit Amsterdam, vanwege de ‘intieme en prettige omgeving in combinatie met een grote collectie boeken en twee zeer actieve en betrokken mediathecarissen.’

De Inktaap

De genomineerden voor deze literaire jongerenprijs zijn de winnaars van drie literaire prijzen in het Nederlandse taalgebied: de ECI Literatuurprijs, de Libris Literatuur Prijs en de Fintro Literatuurprijs. Tevens wordt er een boek genomineerd uit het Nederlandstalige deel van de Cariben.

Aan de vijftiende editie in schooljaar 2014-2015 deden 51 middelbare scholen mee, 8% van het totaal. Het bereik is nagenoeg even groot als in voorgaande edities. Deelnemende scholen stelden 57 jury’s samen (ongeveer evenveel als in 2013-2014), met daarin 830 leerlingen uit de bovenbouw van havo en vwo (19% meer dan in 2103-2014). De omvang van jury’s is, met 13 leerlingen, licht gegroeid.

Juryleden

In aantallen

Scholen

In aantallen

De Inktaap-website trok 18.581 bezoekers, een daling van 13% ten opzichte van de 21.339 bezoekers het jaar ervoor. Onder meer Trouw, NRC Handelsblad, tal van regionale kranten, Radio 1 en literair weblog Tzum besteedden aandacht aan de Inktaap. Dat gebeurde in de aanloop naar de jurering dan wel door de winnaar bekend te maken: La superba van Ilja Leonard Pfeijffer.

Pfeijffer werd niet alleen bekroond door Nederlandse scholieren. Er deden ook nog 53 scholen mee uit Vlaanderen, Suriname en Curaçao. Zij stelden 56 jury’s samen met in totaal 615 leerlingen.

Poëzieweek

Naast het poëzieweekgeschenk (oplage 2016: 15.000 exemplaren, een kwart meer dan een jaar eerder) en de uitreiking van verschillende poëzieprijzen is de Poëzieweek ook een educatieve campagne. Deze bestaat uit lestips voor het behandelen van gedichten in de klas. Het online materiaal voor docenten in het basisonderwijs trok in 2016 9.540 bezoekers, voor docenten in het vmbo 3.140 bezoekers en voor docenten in de bovenbouw van havo en vwo 1.811 bezoekers. Deze getallen zijn lager dan in 2015. Dat komt waarschijnlijk doordat docenten voor het eerst hun e-mailadres moesten achterlaten om toegang te krijgen. De lestips zijn in Vlaanderen populairder dan in Nederland.

Het Nederlands Letterenfonds en Stichting Schrijvers School Samenleving organiseren tijdens de Poëzieweek bezoeken van dichters aan de boekhandel. In totaal waren in Nederland 113 optredens van 51 verschillende dichters te bewonderen, bijna een verdubbeling ten opzichte van de eerste Poëzieweek in 2013. In Vlaanderen werden er 77 auteurslezingen georganiseerd (CPNB, 2016).

Boekenzoeker

Deze boekenzoekmachine geeft 8- tot 18-jarigen een boekadvies op maat, aan de hand van persoonlijke vragen die zij beantwoorden. De Boekenzoeker trok tussen mei 2015 en april 2016 ruim 180.000 bezoekers, nagenoeg evenveel als het jaar ervoor. Deze bezoekers voerden in totaal ruim 250.000 sessies uit op de website, eveneens ongeveer evenveel als een jaar eerder. De stabilisatie treedt op nadat de bezoekersaantallen in 2014-2015 voor het eerst waren teruggelopen sinds de metingen via Google Analytics worden uitgevoerd.

De Boekenzoeker is een Nederlands-Vlaamse website. Het verkeer loopt sterk uiteen in de beide landen. 83% van de bezoekers is afkomstig uit België, tegen 15% uit Nederland. Vlaamse bezoekers verblijven langer op de site (7.15 minuut tegen 4.07 minuut) en bekijken meer pagina’s (18 tegenover 10). Hoe dit verschil te verklaren valt? Vlaamse middelbare scholieren kennen geen verplichte leeslijst met oorspronkelijk Nederlandstalig werk. Dat maakt het gebruik van de Boekenzoeker (waarop ook veel anderstalige boeken staan) voor hen aantrekkelijker. Daarnaast heeft de site in Nederland, zowel onder docenten als onder de doelgroep, een geringe naamsbekendheid (De Boer, 2013; Huysmans, 2013).

De bezoekersaantallen van de Boekenzoeker fluctueren sterk. Na een dip rond de 5.500 in de zomermaanden, loopt het verkeer op naar 40.000 à 50.000 bezoekers in september en oktober, om de rest van het schooljaar terug te zakken naar rond de 20.000. Met name aan het begin van het schooljaar gaan scholieren dus op zoek naar een boek om te lezen.

Pabo Voorleeswedstrijd

Deze spin off van De Nationale Voorleeswedstrijd heeft als doel aankomende basisschoolleerkrachten te enthousiasmeren voor het (voor)lezen, en hen kennis te laten opdoen over kinder- en jeugdliteratuur. In het schooljaar 2015-2016 doen er 40 instellingen mee, twee meer dan het jaar ervoor, en 89% van alle pabo-opleidingen.

Het thema van de Pabo Voorleeswedstrijd is de cultuurhistorische canon van Nederland. Studenten lezen voor uit een boek dat past bij één van de vijftig canonvensters. Er deden in totaal ongeveer bijna 1600 studenten mee als voorlezer en/of luisteraar (7% van de ruim 20.000 pabo-studenten). Deelnemers zijn met name eerste- en tweedejaars studenten (Oberon/Stichting Lezen, 2014).

Tomke

Peuters, ouders en kinderopvangleid(st)ers maken kennis met leesbevorderende materialen en activiteiten in de Friese taal. Zo verschijnt er jaarlijks een Tomke-boekje, met verhaaltjes, opzegversjes, liedjes en spelletjes over de gelijknamige, avontuurlijk ingestelde peuter (oplage 2015: 28.000 exemplaren). Tijdens de ‘Fryske Foarlêswike’ (Voorleesdagen) in juni 2015 is op 368 kinderdagverblijven en peuterspeelzalen uit Tomke voorgelezen. 12.500 peuters luisterden en mochten het boekje vervolgens mee naar huis nemen. Ook waren er tijdens de Foarlêswike traditiegetrouw achttien tv-avonturen te zien op Omrop Fryslân. Het hele jaar door zijn er een website en app, met allerhande verhalen en spelletjes voor peuters alsmede informatie over leesbevordering voor ouders en kinderopvangleid(st)ers. De website trok in 2015 13.200 bezoekers (55% meer dan het jaar ervoor), terwijl de app inmiddels bijna 2500 keer gedownload is.