Prentenboeken als start

Het voorlezen van prentenboeken aan kleuters bevordert, naast hun taal- en leesvaardigheid, ook hun literaire competentiesociaal-emotionele ontwikkeling en rekenvaardigheid.

Literaire competentie

Doorgaans wordt aan kleuters voorgelezen om hun taalontwikkeling en woordenschat te stimuleren. Er is vaak minder aandacht voor de structuur, de manier van vertellen en de vraag wat een verhaal precies tot een verhaal maakt. Toch leent het prentenboek zich goed voor een literaire leeswijze. Kleuters die met speciale leesaanwijzingen worden voorgelezen, leren beter de basale conventies van verhalen beheersen dan kleuters die 'gewoon' worden voorgelezen. Ze kunnen de hoofdpersoon identificeren, krijgen het besef dat de gebeurtenissen verzonnen zijn en dat ze een informatievoorsprong kunnen hebben op de personages. Ook brengt het literaire lezen een eigen vorm van plezier met zich mee, bijvoorbeeld als ze een ironisch contrast ontdekken. Als er tijdens het voorlezen aandacht is voor zulke narratieve conventies, krijgt de literaire competentie van kleuters een vliegende start (Van der Pol, 2010).

Sociaal-emotionele ontwikkeling

Het voorlezen van prentenboeken stimuleert, naast de taalvaardigheid en literaire competentie, ook de sociaal-emotionele ontwikkeling. Kleuters die met speciale leesaanwijzingen worden voorgelezen, zijn beter in staat om de emoties van de personages te herkennen dan kleuters die 'gewoon' worden voorgelezen. Er is een klein verschil (net niet significant) voor de basisemoties, zoals blijdschap, angst, boosheid en verdriet. Het verschil is groter (significant) voor meer complexe emoties, zoals jaloezie, verlegenheid en schuldbewustheid. Voorlezen draagt dus bij aan de empathie van kleuters: het stelt hen in staat om adequaat te reageren op gevoelens van andere mensen. Het is daarbij wel zaak dat de voorlezer zich opstelt als 'meelezer', door zich gelijkwaardig op te stellen en zelf lezersreacties te geven (in plaats van vragen te stellen) (Kwant, 2011).

Rekenvaardigheid

Het voorlezen van prentenboeken levert ook een bijdrage aan de wiskundige ontwikkeling van kleuters. Dat komt omdat de boeken getallen, rekensommen en andere wiskundige elementen bevatten. Bijvoorbeeld een verhaal over het aantal baby's dat dierenmoeders krijgen, of over het schaap dat in een grafiek bijhoudt hoe dik zijn vacht is. Kleuters die een voorleesprogramma met zulke prentenboeken volgen, boeken meer vooruitgang op rekenvaardigheid dan kleuters in een regulier wiskundeprogramma. Dit effect geldt alleen voor meisjes - jongens profiteren niet (Van den Heuvel-Panhuizen, Elia & Robitzsch, 2014).