Onderzoek naar lezen, leesbevordering en literatuureducatie

Young Adult als brug

In het literatuuronderwijs, met name in de onderbouw, groeit de aandacht voor de adolescentenroman of Young Adult Literatuur. Het genre kan de kloof tussen kinder- en jeugdboeken en volwassenenromans helpen overbruggen.

Als kinderen ouder worden, krijgen ze minder plezier in het lezen van boeken. Een mogelijke oorzaak is de gebrekkige doorgaande leeslijn in het literatuuronderwijs. Al te vaak blijkt de stap van verhalen voor kinderen naar romans voor volwassenen te groot. Het lezen van adolescentenromans of Young Adult Literatuur (YAL) kan deze overgang vergemakkelijken (Van Lierop-Debrauwer & Bastiaansen-Harks, 2005). Deze boeken sluiten aan op de belevingswereld van tieners, maar zijn geschreven met 'volwassen' literaire middelen - en vormen zo de ideale brug.

Dat maakt YAL-boeken geschikt om het leesplezier te stimuleren en de literaire competentie te vergroten. Bij klas 4-gymnasiasten blijkt dat inderdaad het geval te zijn. De leerlingen zijn goed in staat om een vergelijkende analyse maken van een adolescentenroman voor jongeren (YAL) en eentje voor volwassenen, en hebben daar bovendien plezier in. 24 van de 29 leerlingen zijn positief, vijf zowel positief als negatief. Ze geven de voorkeur aan het Young Adult boek, omdat dat eenvoudiger is en ze zich beter met de hoofdpersoon kunnen identificeren (Van Lierop-Debrauwer & Bastiaansen-Harks, 2005).

De aandacht voor YAL in het literatuuronderwijs groeit dan ook. Waar in 2001 nog 12,1% van de docenten in de bovenbouw van havo en vwo jeugdliteratuur in de klas behandelde en 32,4% leerlingen toestond YAL te lezen voor de lijst (Van Lierop-Debrauwer & Bastiaansen-Harks, 2005), is dat in 2011 fors gestegen. 61% van de docenten vindt het goed als leerlingen YAL-boeken voor hun lijst lezen. Als redenen worden genoemd de brugfunctie, het bevorderen van het leesplezier en de identificatie met de hoofdpersoon. Wel leggen de meeste docenten beperkingen op, bijvoorbeeld één YAL-boek of alleen in de vierde klas (Sikkema, 2013).

Docenten die YAL uitsluiten, vinden het genre meer iets voor de onderbouw (Sikkema, 2013). Daar vindt YAL nog meer ingang, zowel op havo en vwo als op vmbo. 96% van de docenten op deze niveaus vindt het enigszins of zelfs zeer belangrijk om jeugdliteratuur in de klas te behandelen. Ze besteden er 23 minuten per week aan, ofwel 12% van de lestijd. Het behandelen van jeugdliteratuur moet leerlingen laten zien dat er ook leuke boeken zijn (93%). Daarnaast wordt het goed geacht voor de taalontwikkeling (90%), algemene ontwikkeling (78%) en het begrijpend lezen (67%) (DUO Market Research, 2009).