Onderzoek naar lezen, leesbevordering en literatuureducatie

Over ons

Gaan we meer of minder lezen? Worden onze kinderen beter of slechter in lezen? Waarom is lezen belangrijk? Word je van lezen een beter mens? Wat is de impact van digitale media op het lezen? Wetenschappers doen veelvuldig onderzoek naar deze - en andere - vragen. Hun bevindingen blijven niet zelden zweven binnen de muren van de wetenschap. De Leesmonitor streeft ernaar de beschikbare kennis te vertalen naar een breed publiek. De onderzoeken worden samengevat in het Nederlands en in samenhang beschreven.

De Leesmonitor is een initiatief van Stichting Lezen, het kennis- en expertisecentrum voor leesbevordering en literatuureducatie.

Verantwoording

De gegevens op Leesmonitor zijn afkomstig uit wetenschappelijk onderzoek (bijvoorbeeld naar de effecten van voorlezen), sociologisch onderzoek (bijvoorbeeld naar het leesgedrag in Nederland) en marktonderzoek (bijvoorbeeld naar het aantal bibliotheekleden in Nederland). Het streven is een representatief beeld te geven voor Nederlandse kinderen en volwassenen. Buitenlands onderzoek wordt uitsluitend opgenomen als dat relevant is voor de Nederlandse situatie.

Voor de selectie van het onderzoek worden de volgende criteria gehanteerd:

1. De resultaten zijn afkomstig uit empirisch onderzoek. Daarbij worden observaties en waarnemingen in de werkelijkheid verricht. Het kan gaan om bereikcijfers, enquêtes en/of experimenten. Dat betekent dat theoretische, essayistische en beschouwende publicaties buiten beschouwing blijven. Literatuurverslagen en meta-analyses worden wel opgenomen, mits gebaseerd op empirisch onderzoek.

2. Het onderzoek is actueel en relevant. Onderzoeksterreinen zijn voortdurend in ontwikkeling; recente resultaten vullen bestaand onderzoek aan. Om deze reden krijgen publicaties die in hetzelfde jaar zijn verschenen, en betrekking hebben op observaties en waarnemingen die twee jaar of jonger zijn, voorrang. Uitzonderingen worden gemaakt voor onderwerpen waarover geen recent(er) onderzoek beschikbaar is, of wanneer met enige redelijkheid mag worden verwacht dat de resultaten niet gedateerd of anderszins achterhaald zijn.

De gegevens worden verzameld met behulp van de gespecialiseerde zoekmachines Google Scholar en PiCarta. Daarnaast zijn ze afkomstig uit publicaties die zijn verkregen via de websites van onderzoeksinstituten (SCP, CBS, OECD, Cito), marktonderzoeksbureaus (GfK, DUO Onderwijsonderzoek), universiteiten (persoonlijke pagina’s van onderzoekers), wetenschappelijke tijdschriften (Levende Talen, The Reading Teacher) en andere instanties uit het veld die onderzoek initiëren (Koninklijke BibliotheekSardes).

Zie voor een volledig overzicht van bronnen de Leesmonitor-pagina op Delicious.

Roadmap

De zeven thema’s van de Leesmonitor omvatten de belangrijkste aandachtsgebieden binnen de leesbevordering en de literatuureducatie, de terreinen waarop Stichting Lezen als kennis- en expertisecentrum actief is.

Leesbevordering en literatuureducatie worden uitgevoerd binnen de leesinfrastructuur, die bestaat uit bibliotheken, boekhandels, scholen en kinderopvanginstellingen (thema cultuur). De daar werkzame leesbevorderaars fungeren als aanjagers van de leescultuur, en voeden kinderen en jongeren op tot lezers (thema socialisatie). Zij hebben als doel het leesgedrag (thema’s gedrag en digitalisering) en de houding van mensen tegenover het lezen (thema motivatie) te stimuleren.

Daarbij wordt uitgegaan van een positieve spiraal: mensen met een positieve leesattitude zullen geneigd zijn om meer te lezen, waarvan ze profijt hebben voor zowel hun algemene geletterdheidniveau (thema vaardigheid) als voor hun literaire geletterdheidniveau (thema literaire competentie). Dit maakt vervolgens óók weer dat ze lezen leuker en aantrekkelijker gaan vinden (thema motivatie) én meer gaan lezen (thema gedrag). Als gevolg daarvan zullen ze inspirerender zijn als leesopvoeder van de generaties die na hen opgroeien (thema socialisatie).

Stichting Lezen en onderzoek

Stichting Lezen heeft een eigen budget voor onderzoek naar leesbevordering en literatuureducatie. Het kan gaan om wetenschappelijk (promotie)onderzoek, veldonderzoek, behoeftenonderzoek, marktonderzoek en/of evaluaties en effectmetingen van programma’s, activiteiten en campagnes.

Een drietal onderzoeksactiviteiten fungeert met name als bron voor de Leesmonitor:

1. Stichting Lezen publiceert, in samenwerking met uitgeverij Eburon, proefschriften en congresbundels. Daarnaast geeft het onderzoek uit in een eigen Stichting Lezen-reeks. Een overzicht van deze publicaties is te vinden op de website.

2. Stichting Lezen participeert in de driemaandelijkse enquête-onderzoeken van de Stichting Marktonderzoek Boekenvak. Marktonderzoeksbureau GfK voert deze metingen uit onder haar internetpanel. Collega-partners zijn de Koninklijke Vereniging van het Boekenvak (KvB), de Koninklijke Bibliotheek (KB) en de Stichting Collectieve Propaganda van het Nederlandse Boek (CPNB).

3. Stichting Lezen participeert in Het Taalvak Nederlands Onderzocht (HTNO), opgezet door de Taalunie. Deze databank bevat samenvattingen van onderzoek naar het vak Nederlandse taal in het basis- en voortgezet onderwijs.